23-08-06

Hoofdstuk II - Deel III - Dag 1


Een gouden vlinder streelde haar haren en landde toen op haar rechterschouder. Terwijl zijn vleugels bewogen liet hij een kleine, onzichtbare regenboog achter. Ondanks het vreemde voorval bleef ik echter bij de pinken en antwoordde op haar vraag.
"Ik moet lachen omdat ik het een mooie gedachte vind. En goed besef dat ik ook met zulke intenties heb rondgelopen."
Terwijl ik het zei onderzocht ik haar donkergroene ogen. Ze leek wel een elfje, enkel de vleugeltjes ontbraken nog. 'Wat ben je mooi', dacht ik bij mezelf.
Even keek ze mij aan en toen verdween ze in haar tas. Na enkele minuten rommelig zoeken haalde ze een klein boekje boven.
"Kijk!", zei ze, "Dit is mijn eindwerk en dit is wat ik later wil doen."

Het boekje had een rode kaft die erg zacht aanvoelde. Vier kleine ringen op het uiteinde van de kaft zorgden er voor dat alle blaadjes mooi op hun plaats bleven. In het midden stond een kindertekening. Daaronder, in dikke kinderletters, 'LEVEN'. Ik keek haar aan, zij glimlachte, en opende dan het boekje.
Vijf bladzijden. Meer was het niet. Op de eerste bladzijde vond ik foto's terug. Een arm, een been, een deel van een hoofd. Haar, handen, voeten... Maar ook een blote borst en wat schaamhaar. Foto's kriskras door elkaar.
"Ben jij dat?", vroeg ik. En ze knikte instemmend.
De tweede pagina was op een paar woorden na volkomen leeg. In het midden was een hart uitgesneden, maar dat viel bijna niet op. De woorden die er stonden waren anders.
"Ik zou verwachten dat je hier iets schrijft als liefde, of houden van... waarom schrijf je angst neer?"
Vraag mij niet waarom, maar toen had ik moeten stilstaan. Toen had ik op een pauzeknop moeten drukken om alles en iedereen rond haar te observeren. Dat ik dat toen niet gedaan heb, daar heb ik nog steeds spijt van.
"Angst is nadrukkelijker.", en ze bleef mij diep in de ogen kijken toen ze het zei.

Ik slikte even.
"Ik hou van vrouwen zoals jij."
Meer niet, meer was ook niet nodig. Mijn mond, mijn handen, mijn armen en ogen. Meer was er niet nodig dan datgene wat ik daar kortstondig liet schijnen. Een vrouw die een muur laat exploderen, zo hevig dat je even de weg naar huis vergeet, zo zijn er niet veel.

13:01 Gepost door Grijs in Liefde | Permalink | Commentaren (1) | Tags: schaduwboek |  Facebook |

18-08-06

Hoofdstuk II - Deel II - Dag 1


Vier meisjes. In de zon, op een terras. Naast mij.

"Hoe vlot het?", en laat mij toe hier een opmerking achter te laten. Ik kon echt wel een zeker cynische ondertoon horen. Zijn vrouwen zo duister als ze zich laten voordoen? Soms twijfel ik er aan. Hoe zij het vroeg, zo vraagt mijn grootste vijand het. Ook met hem zit ik aan tafel en drink ik een glas. Alleen, dan ben ik de enige die zijn handelingen observeert, is hij de enige die mij argwanend toekijkt. Vier vijanden aan één tafel. Elk met een glimlach, ik werd er angstig van.
"Erg goed.", zei de ander kort en bondig. Zij, die ander, had grootse plannen. Ooit zag ze zichzelf tussen de gebouwen in staan. Kleine reclamepanelen, haar ideeën, haar ontwerp. En vraag mij niet waarom, maar ik moest er om lachen.

"Waarom lach je?", vroeg ze.
"Karel...", zei ik, "mijn naam is Karel." En mijn enige lach die dag was de lach die toen mijn woorden vormde. Mijn God, wat waren die ogen als een waterval van verdriet. Alsof het leven en de dood gevlochten worden met de tongval van haar woorden. Ik stotterde niet. Ook dat was lang geleden.

Even stond ze versteld, daar ben ik nog altijd van overtuigd. En toen vormde ze mijn oordeel over leven en dood.
"Mijn naam is Ynka." De glimlach op mijn lippen werd plots mijn grootste verdriet.

21:09 Gepost door Grijs in Liefde | Permalink | Commentaren (1) | Tags: schaduwboek |  Facebook |

10-08-06

Hoofdstuk II - Deel I - Dag 1


Mijn vader ... soms vervloek ik hem, maar als ik eerlijk ben moet ik bekennen dat hij best een leuke vent is. Zo zorgt hij er af en toe voor dat ergernissen verdwijnen in mijn leven. Vandaag was het opnieuw van dat. Mijn badkamer, een witte, zielloze bunker, is opgefrist met een nieuwe kraan. Eentje met een hendel. Lekker warm en koud met één vinger.

"Waarom denk je dat ie nog steeds niet buiten komt?"
Naast mij, zo'n twee tafels verder bespreken twee jonge meiden de gevolgen van een uit de hand gelopen huwelijk. Niet van henzelf welteverstaan, want zo genuanceerd zijn ze wel. Neen, het huwelijk van wat zij noemen hun beste vriendin. Ik ben opnieuw een illusie armer denk ik bij mijzelf, vrienden roddelen dus als de beste ook over mijn leven. Of zijn mijn vrienden anders?
Terwijl ik er over nadenk nemen vier jonge vrouwen plaats aan het tafeltje naast mij. Zoals velen voor hen bestudeer ik ongezien hun contouren, hun lieve gezichtjes en als laatste één voor één hun ogen. Zij was één van hen. Toen gaf ik geen namen aan vreemden, dat is sinds die dag helemaal anders.

Ik bestelde een pint aan de knappe vrouw die hier meestal werkt in dit kleine Gentse café. Dat is zonder blozen één van de redenen waarom ik hier zo vaak zit. Als de 'wijfjes' lekker zijn dan kom ik terug. De enige vereiste die ik opleg is dat ze glimlachen als ik bediend wordt, en dat doen ze hier allemaal, nog steeds trouwens. Mijn beste vriend deed net hetzelfde. Hij is de meest open van ons tweeën en ik kan je verzekeren, erg populair bij het andere geslacht. Ergens vind ik dat helemaal niet zo slecht. Terwijl hij zijn gang gaat kan ik van op een zekere afstand toekijken, zonder verplichtingen kan ik genieten in stilte.

19:53 Gepost door Grijs in Liefde | Permalink | Commentaren (1) | Tags: schaduwboek |  Facebook |

03-08-06

Hoofdstuk I - Deel III - Dood


Dit bed lijkt een woestijn waarin ik langzaam wegkwijn. Geen helpende hand om mijn lippen te bevochtigen, geen fata morgana die mij toelaat te hopen dat alles beter wordt. IJlend vang ik de slaaproes. Ondanks de schaduw die op mijn ziel rust vraag ik mij dagelijks af waar en wanneer ik aan dit leven ben begonnen. Herinneringen lijken te vervagen als ik er slechts aan denk.

Ik verdwaal in mijn dromen. Of het is het kwaad bloed dat inktzwart wordt als ik aan haar denk, of is het de wijn die de pijn lijkt te versterken wanneer ik mij bewust word van de toestand waarin ik mij bevind. Ergens hoop ik mijzelf terug te vinden in deze nachtmerries die mij teisteren. Alhoewel, teisteren… soms ervaar ik ze als helende zalf die op open wonden wordt gesmeerd. En het is ook stilaan voor mijzelf duidelijk dat deze wonde opengereten werd door een bot mes, en diep is als het oneindige gat van een ravijn die mijn ondergang moet bekrachtigen.

Mijn ondergang? Wat als dit mijn einde is? Wat als mijn laatste woorden niet gesproken worden? Is dit mijn ondergang?

Het wachten op een wekker is eeuwig als de nachtmerrie zo verstikkend werkt. Welke waarheid ik ook moet vinden. Ergens ligt die verborgen in het verhaal dat ik straks vertel.

09:46 Gepost door Grijs in Liefde | Permalink | Commentaren (0) | Tags: schaduwboek |  Facebook |